• Tel: 010 4712313
  • Hof van Spaland 31
  • 3121 CA Schiedam

Pauline de Bok - De jaagster

Twee vrouwen staan in De jaagster centraal: de jonge Merel Alvarez, die na de dood van haar ouders naar het Duitse platteland trekt en Luise Zingg. Zij woont een groot deel van haar leven in Wendland , vlak bij het IJzeren Gordijn en heeft veel van de ontwikkelingen in Duitsland in de vorige eeuw aan den lijve ondervonden. Haar vader was Oostfrontstrijder, na de oorlog werd het gezin gedeporteerd uit hun dorp omdat dit in het grensgebied, de Zone, tussen Oost en West lag. Uiteindelijk vluchtte het gezin naar West-Duitsland. Op latere leeftijd wordt Luise informant voor de DDR. De last van de geschiedenis drukt dus zwaar op haar schouders, nu ze het einde van haar leven merkbaar begint te bereiken. Al in het begin van de roman is ze soms kwijt hoe ze in haar jachthut terecht is gekomen.
Dat is een belangrijk thema in de roman: de jacht. Luise is als vrouwelijke jager een vreemde eend in de bijt en dat haar jachtgebied aan de rand van de Zone ligt en dat ze dit wel prettig vindt, maakt haar nog extra zonderling. Op deze manier komt ze ook in contact met de Ostie-grensbewakers. In een spel van aantrekking en afstoting wordt ze geronseld als informant, zonder dat ze het uit overtuiging doet. Meer vanwege haar gevoelens voor Peter, degene die haar instrueert.
Merel komt wel vol overtuigingen naar het Wendland. Ze komt uit een activistische vriendengroep die zich vooral bezighoudt met kernafvalopslag, waarvan er niet ver van haar nieuwe verblijfplaats ook een is. Maar al gauw houdt Merel zich meer bezig met de natuur om zich heen. We zien Pauline de Bok langzaam Merel naar de wereld van de jacht duwen. Eerst probeert ze haar tuin slakvrij te maken, waarbij ze steeds gruwelijker methodes moet toepassen. Met haar aanloopkatten hanteert ze een leven en laten leven-beleid. En nadat ze zich tegen haar oude vriendje heeft laten ontvallen dat ze jager wil worden, komt ze erachter dat ze dat ook echt wil.
Pauline de Bok beschrijft de jacht in haar romantische traditie. Urenlang wachten in de natuur, de eenheid tussen jager en prooi, samenzijn in de natuur. De groet Weidmansheil na een raak schot. Jagen om voor de natuur te zorgen. En vooral deze passages appelleren aan een gevoel dat recht tegenover de dierenbescherming of Partij voor de Dieren staat. Het idee dat het jagen bij de natuur hoort. Dat weet de schrijfster mooi over te brengen, zonder dat de roman een pamflet wordt. Daarvoor drukt de geschiedenis te zwaar op de eenzelvige Luise.


Uitgeverij Atlas Contact
283 pagina's
€21,99

Gerben - Beoordeling 8