• Tel: 010 4712313
  • Hof van Spaland 31
  • 3121 CA Schiedam

Boekbesprekingen

Home » Boekbesprekingen » Arthur Japin - Kolja

Arthur Japin - Kolja

Twee verhaallijnen gebruikt Arthur Japin in Kolja. Maar eerst waarover de nieuwe roman gaat. Het is algemeen bekend dat de doodsoorzaak van de grote Russische componist Pjort Iljits Tsjaikovski omstreden is. De componist stierf in het jaar 1893 in zijn stad Sint-Petersburg, net 53 jaar oud. Officieel, zo staat in zijn overlijdensakte, bezweken aan de cholera, maar dat wordt door omstanders betwijfeld. Zo ook Kolja, een doofstomme jongen waarover Pjotr Iljits en zijn broer Modest zich ontfermen als hij acht jaar oud is. Zij nemen hem mee op hun Europese reizen en brengen hem naar de arts Hugentobler die, samen met zijn vrouw, een praktijk leidde die geen gebruik maakte van gebarentaal maar zijn pupillen trainden door uitsluitend het strottenhoofd, de mond en het ademhalingsapparaat te gebruiken en ze zo leerde spreken. Dit en met behulp van liplezen zal Kolja kunnen converseren. 
In de eerste verhaallijn is Kolja de verteller. Hij is inmiddels 25 jaar en door omstandigheden licht gebrouilleerd met Tsjaikovski en zijn broer. Na de dood van de componist reist hij naar Sint-Petersburg waar hij al direct twijfelt aan de doodsoorzaak. Het betoog van de jongeman beslaat drie dagen, de periode tussen de dood en de begrafenis. In de tweede verhaallijn geeft Japin het woord aan Modest dat in dagboekvorm wordt weergegeven. Het begint in 1875 als Kolja inderdaad acht jaar is. Het beschrijft vooral de vorderingen die de jongen maakte aan het instituut van Hugentobler en de reizen die ondernomen werden. 
Het betoog van Kolja zelf is veel spannender en gaat leiden tot een complottheorie die niet eens zover naast de waarheid zou kunnen zitten. 

Japin ontwikkelt zijn romans altijd vanuit een historisch perspectief. De zwarte met het witte hart, Een schitterend gebrek, De overgave en Vaslav zijn hier getuigenissen van en telkens weet hij de sfeer en de tijdgeest te pakken. Vooral in deze roman waant de lezer zich in het 18e eeuwse Rusland en in de grote romans van Tolstoj. Het is ontroerend mee te leven met de jonge Kolja die zelfs leert muziek aan te voelen en die door zijn eigen moeder wordt genegeerd totdat er iets te verdelen valt.
Het schrijftalent van Arthur Japin is bekend, de zinnen vloeien poëtisch uiteen op het papier:
     Lippen die je kussen, hoef je niet te lezen. Misschien dat ik daarom nog íéts meer aan de liefde verslingerd ben dan         iedereen: lijven hebben zonder woorden lief. Mij is passie zo onweerstaanbaar omdat het anderen mijn wereld               binnenvoert. Zinnen zijn daar zuchten. Ieder maakt er zijn wezen kreunend kenbaar, klanken onbeheerst,                         onbeheersbaar, zoals ik die uitstoot van nature.

Uitgeverij: Arbeiderspers

Pagina's: 344

Prijs: € 22.50

Beoordeling: 8½